Curacao North Sea Jazz 2011

Als ik de grond had gekust toen ik bij de Hato-airport uit het vliegtuig stapte, had het luchthaven-personeel me vast wel opgepakt en naar de Caprilis-kliniek (LPI) gesleept. De vliegangst waar ik van dacht die niet te hebben, kwam behoorlijk om het hoekje kijken toen ik een LIAT kist waar net 40 man in kunnen zitten mij van Trinidad naar Curacao vloog. Er had een vlieg op mijn lip gezeten toen ik instapte! Hoe kan het anders, ik had mijn vlucht de dag daarvoor gemist. Ik had te laat ingecheckt met als gevolg dat ik de SLM kist voor mijn neus zag opstijgen. Alle eerste ervaringen voelen dom aan. Op het ticket had een andere inchecktijd gestaan en natuurlijk had ik die niet geverifieerd. Geen enkel belletje had gerinkeld, terwijl ik wel degelijk weet dat alle vluchten naar het Caribisch gebied in de ochtenduren vertrekken. Ik was niet de enige ‘gelukkige’; samen met mij waren er 3 andere die verslagen met hun koffer terug moesten rijden naar Paramaribo. ‘De eerstvolgende vlucht mevrouw is dinsdag.’ Na de eigenaar van het reisbureau wakker gebeld (of zal ik zeggen -gescholden-) te hebben en de zondagse kerkgang van zijn secretaresse verstoord te hebben kreeg ik een nieuw ticket voor de ochtend daarop. Ik dacht niet dat ik het Curacao North Sea Jazz festival zou missen dit jaar, waar ik sinds april 2011 mijn ticket had gekocht! Als rasechte jazzliefhebber wilde ik ook dit jaar niet missen. Naar North Sea Jazz in Nederland kan ik mij niet elk jaar permitteren, maar hier om het hoekje, en dan met zo een aantrekkelijke artiesten! Het was anders dan vorig jaar. Het CNSJ festival heeft veelal een Latijns-Amerikaans met wat R&B smaakje. De setting was ietsje anders dan vorig jaar. Podia een beetje ver van elkaar verwijderd zodat er meer publiek bij kon. Voor mij was het een extra inspanning, hollen van het ene podium naar het andere, en dan nog van 6 tot 2 uur in de ochtend op de benen dansen. De conditie is niet zo optimaal meer…Wat mij wel opviel was dat Surinamers meer Amerikaans georiënteerd zijn als het om muziek gaat. Weinig mensen zongen mee met de liedjes van John Legend in 2010, terwijl ik het hele repertoire uit het hoofd kende. Dit jaar zongen wel 10 duizend mensen mee met Juan Louis Guerra en Ruben Blades en ik stond naar dit tafereel te kijken,een beetje onwennig mee te schuifelen op de Latin-beat. Earth Wind and Fire deed de rotsen bodem van het eiland lichtjes schokken. Het publiek was laaiend, camera’s flitsten over en weer, verliefde koppels stonden innig te zoenen bij ‘Reasons’ toen Philip Bailey, THE VOICE zijn microfoon bijna kapot gilde.

Bij Sting kreeg ik een sereen gevoel van binnen toen ik naar de woorden en de fijne stem luisterde. Die uitwerking had hij in elk geval op mij. Ik vond het een voorrecht om op nauwelijks 50 meter afstand van hem te staan en hem te zien in een t-shirt, jogging broek, een versleten gitaar, gympies en al die liedjes te zingen waar ik mee was gegroeid. Bij hem kreeg ik vele kippenvel-momenten. Nog net niet orgastisch. Iets wat ik wel bij Stevie Wonder zijn optreden had verwacht, maar dat bleef uit. Stevie Wonder had een totaal andere energie. Ik vond het soms arrogant, typisch Amerikaans, maar, een luisteraar is ook subjectief. ZIjn muziek was geweldig maar mijn kippenvel momenten bleven uit, ook bij Overjoyed. Van Dionne Warwick werd ik stil van binnen. Juan Louis Guerra en zijn 44 waren te dyuguduygu voor me geweest dus kon mijn rikketik even op adem komen door de zachte stem. De akoestiek in die zaal vond ik het minst. De enige echte jazz ervaring/ kippenvel had ik bij Branford Marsalis, de manier waarop muzikanten met elkaar communiceren als hun vingers over de bas, piano en conga gaan, de ogen sluiten, hun hoofden bewegen op elke slag of noot die ze slaan. Ik ben er altijd jaloers op geweest. Ik was danig onder de indruk van twee drummers (een bij Elian Elias en Branford Marsalis) die met hun hele lijf geluidjes lieten met hun drumstokken. Wat een kunst! Wat een werk! Wat een topsport! Gerrit Komrij had in 2008 aan mij gezegd dat schrijven de moeilijkste kunstdiscipline is. Nou…ik wilde dat niet zo stellen op dat moment. We, de vrienden waarmee ik was, hebben ons echt als toeristen gedragen. Foto’s schieten, door het hele eiland rijden, geld uitgeven aan onnodige hebbedingetjes, zwemmen in de zee, lekker eten en flink wat afgelachen. Voorlopig wil ik geen sushi eten, geen stewardessen en koffer-labels zien.

 

Op flickr wat indrukken. Klik op de link. http://www.flickr.com/photos/rsanajong/sets/72157627483051355/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *