Reisverslag Vancouver 2010

Mijn veertigste jaardag wilde ik niet in Suriname vieren. Mijn nichtje Ilemele moest in Vancouver zijn voor een conferentie van actuarissen (mensen die met cijfers werken en van wie eentje Albina heet en uit Italie komt). Toen Ilemele mij vier weken voor het vertrek belde of ik mee wilde en uiteraard meekon heb ik een paar uur nagedacht nadat ik eerst gegild had.
‘Vind je niet erg om te vliegen op je jaardag?’ was een overbodige vraag geweest van Ilemele. Na alle optelsommetjes over hoeveel geld ik beschikbaar had voor een ticket, visum, of ik nog zou kunnen eten de komende maand en mijn vaste lasten zou kunnen betalen, was het antwoord gauw gegeven. Ik had altijd een stil verlangen om Canada te zien. Het beeld van een documentaire was blijven hangen. Het leven is een maalstroom van ( soms) aangename verrassingen waar ik me graag doorheen laat sleuren.
Na alle extra medicijnen op de valreep bij de dokter te hebben gehaald, snel nog warme kleren, mn lentelaarzen, alle ramen van het huis dichtgedrukt, stapte ik in de ochtend van 23 juli, op mijn veertigste geboortedag, in het SLM vliegtuig op weg naar Vancouver. Ik had een first class seat als cadeautje verwacht van de SLM, maar het bleef bij een flesje wijn en een mens moet het kleine eren. In Miami werden we opgewacht door een grote auto die de naam van minivan moet heten. Tante May en Oom John verwelkomden ons samen met de aardig warme wind die over de airport van Miami hing. Ik weet niet eens meer wat we die eerste twee dagen hebben gedaan. Winkelen moet niet per se bij het reizen. Wat dat betreft lijken alle winkelcentra (hoe groot ze ook zijn) hetzelfde. Ik ben ‘Europees’ georiënteerd zei tante May omdat ik nog nooit in de VS ben geweest. Op een of andere manier is het er nu pas van gekomen. Ben meer een cultuursnuiver, vind bibliotheken, theateroptredens en musea interessanter dan naar dure tassen en schoenen snuffelen. De soep die tante May had gekookt ging er gretig in. Koken is iets voor oudere mensen. Lekker koken dan.
Mijn nichtje had mij een ‘bumpie ride’ voorspeld met de Continental Airlines, maar tot haar verbazing verliep de landing smooth. Op de airport van Houston nam ik een levensgrote sandwich. Geen wonder dat Amerikanen lijden aan obesitas. Man! Alles wordt in grote proporties uitgeschept. Je maag wordt ongevraagd volgepropt met of vocht of eten. Ik zag een goeduitziende zwarte man zitten en mn benen gingen zijn richting op om naast hem te zitten. Het was druk in de foodcourt waar mensen die allen onderweg waren iets namen. Hij schoof zijn rugzak voor me op, ik bedankte hem en keek in een paar zwarte kijkers, fijne lijnen in het gezicht en donkere fijne lippen die vroegen waar ik ging. ‘Ehm Vancouver’zei ik smalend (en dacht dang baby you so fine!). Na een kruisverhoor hoorde ik mezelf een korte intro of spoedcursus in Creatief schrijven geven. Ik had erbij gelogen dat ik naar een conferentiemoest voor schrijfdocenten. Een vreemdeling hoeft niet te weten wat ik daar ging doen. We wisselden visitekaartjes uit en hij zou een boek beginnen te schrijven. Het onderwerp zou, hoe kan het anders, ‘Vrouwen ’ zijn . ‘No, that’s too ordinary zei ik hem, or it has to be a special woman.’ Na een brave groet met een glimlach gingen we uiteen, elk weer onderweg.
Landen geeft altijd een heerlijk gevoel. Mijn rug was zuur van het zitten, inchecken, uitchecken, riem uit, schoenen uit en aan, koffers in, paspoort, jas in hand samen met incheckpasjes. Intussen kan ik als stewardess de instructies in geval van calamiteiten geven. We zagen vanaf de lucht de hoge bergen en het lichtenfeest van de hoge wolkenkrabbers. We moesten de klok 4 uur terugdraaien toen we in Vancouver aankwamen, maar hadden dat niet door. Braaf belden we tante May op om te melden dat we veilig en wel in het hotel waren aangekomen na een lange reis van 8 uren en meer en door de diepe slaap in de stem van tante May begon een lichtje te branden. Het bleek dat het in Miami al 2 uur in de ochtend was en we die arme vrouw hadden gewekt. (overigens hebben we nog meer verschrikkelijke dingen gedaan met tante May en oom John, maar dat nu even terzijde) De volgende dag ging mijn nichtje vroeg naar haar conferentie. Ik nam een stevig ontbijt en ging Vancouver verkennen. Met een routekaart en instructies van het balipersoneel van het hotel stapte ik flink over de heuvelachtige straat richting skytrain.
Vancouver zit vol Aziaten. Kleine maten mensen, korte benen, kleine voeten, allen op slippers. Het was behoorlijk warm daar terwijl men had gezegd dat de temperatuur net als in Nederland was. Net als Nederland echter beleefde ook Vancouver in 2010 een uitstekende zomer. Mijn jas en vesten waren dus overbodig geweest. Af en toe had ik wel een koele bries in mn rug, maar dat was niet onaangenaam. De eerste winkel die ik binnenstapte was een alternatieve winkel, waar buddhabeelden en Afrikaanse maskers hingen. Ik liep tussen de stoplichten, stak over, liep maar achter mensen aan, ging een overdekt winkelcentrum binnen en verdwaalde. De veelheid van materie overdondert je ook hier. En werkelijk, hoeveel heb je nodig? Er wonen 1 miljoen mensen, er moet dus veel gekocht worden. Hoewel,leren tassen werken als magneten op mij, maar vreemd genoeg vond ik de stijl niet leuk. Mijn nichtje vindt me een ‘duremvrouw’.
‘Suriname? Where is that?’
‘South America? Oh, ok.’ Bij een kassa: ‘I can’t seem to figure out your accent. It doesn’t sound Caribbean right? Een student van de Simon Fraser University van Vancouver wees ons een truukje. Hij was een goochelaar die met kaarten ons optisch bedroog. Een chinees meisje liep met mij over het gigantische overdekte campusterrein om naar de Say Well hall te brengen. Een andere chinese mevrouw gaf ons een lift in de auto naar een restaurant waar een diner was van Ilemele’s collega’s. De vriendelijkheid viel op. Je voelde je veilig, mensen groetten als je naast hen ging zitten in de trein. Een vriendelijke junkie wilde mij een treinkaartje verkopen. Ze zag er heel netjes uit voor zwerversbegrippen, maar je zag in de blik dat iets niet klopte.

Georganiseerde tours zijn niet mijn favoriet, maar wat kun je als je het land niet kent en het hele gebied uit bergland bestaat. Het reizen van de ene naar de andere plek gaat niet 1, 2, 3. Een slecht Engels sprekende Chinese touroperator zou ons een tour verzorgen van 5 uren. We mochten bij elke stop precies twintig minuten rondkijken. “Tonnie minneh”, ( lees twenty minutes en uitspraak op zn chinees). Ik had het vermoeden dat naast mn nichtje en ik, de hele bus hem niet verstond. Het werd dus een gehaast gebeuren tot de bus niet meer wilde starten. In een park waar er grote totempalen stonden konden we rustig genieten van het niets doen en kijken naar alles wat langsfietste, vaarde of vloog in afwachting op een andere bus. “De Capilano Suspension Bridge” was het hoogtepunt van het bezoek. Voor mij althans. Lopen over een touwbrug van 80 meter diep (op schouderhoogte van The Empire State Building). De touristen (allen actuarissen sommigen met kinderen) waar we mee waren, zaten allen te giechelen van de angst. Ik durfde niet te kijken in de diepte. Later als beide benen op stevige solide grond waren zou ik me daarmee bezighouden. Cijfers over hoogte moet je vooral vermijden als je over een touwbrug gaat lopen. Ik maakte een snelle inschatting van de wiebeligheid of geschud van de brug. Door mijn lengte heb ik altijd hoogtevrees gehad. Ik herinnerde mij Shrek zeggen aan Donkey, ‘don’t look down!’. Mijn tas ging over mijn schouders, ik zou beiden handen nodig moeten hebben. Ik borg mijn camera op, geen tijd voor foto’s nu. Stoer stapte ik op de brug en voelde het eerste geschud van de brug in mijn bovenbenen. Ik kende het gevoel van in de boot stappen op weg naar Masiakriki. Het was een dergelijk gevoel, over de soela’s varen door onstuimige golven. Ik kan mij niet herinneren of mijn hart extra klopte maar stapte stevig door. In het midden van de brug realiseerde ik mij dat ik wel moest kijken. Ik liet beiden hande even los, griste naar mij camera, keek en schoot. Ik zag onder mij een opgedroogde waterval en keek in het groen, ademde diep de zuivere lucht en lachte. Wat ik dacht op dat moment zal ik voor mezelf houden. De touroperator naar wie ik gefascineerd had blijven luisteren racete ons naar de campus en het hotel terug over de snelwegen van Vancouver. Dat was blijkbaar ook onderdeel van de ‘suspension’.
Terug in Miami of beter gezegd terug in de grote supermarkt . Ik vind niks bijzonder, die veelheid van materie, hoe mooi ook, doet me niet zo veel. Mensen aan kassa’s die kochten en nog eens kochten. Het is zomer hier dus alles is on sale. Je wordt gemakkelijk materialistisch in zo een omgeving. Ik heb mij beperkt tot de ene koffer waarmee ik was gekomen en de ene trolly. De “duremvrouw” is zeer selectief in haar aankopen. Ook de boeken interesseerden mij niet. Er zat veel alledaagse belletrie tussen. New York Times bestsellers trokken mij ook niet echt aan. Ik heb wel een e-reader gekocht en lees nu dus digitaal. Ik wil mij sowieso in de Amerikaanse literatuur verdiepen, maar de vluchtigheid en oppervlakkigheid van wat ik las op de achterflappen trok mij niet aan. Uiteraard had ik naar een bibliotheek moeten gaan, maar daar ben ik niet aan toegekomen. Mijn reisgezel had andere ‘verplichtingen’ en we logeerden niet even in het centrum van Miami.
Ik heb de auteursrechten van dit artikel dus waag ik mij een ‘bok’ van Ilemele die tot mijn grote verbazing niet 1 maar drie koffers had meegenomen. Ze vond het zonde dat ik maar 1 had terwijl ik recht had op 2. Ik sjokte in Miami achter haar aan, Wall Mart, Macy’s, Gross, JCPenny en zoveel andere namen die ik niet kan onthouden. Het hield maar niet op! Een half uur minimaal per unit. Let wel! Ok minstens een uur en in Canada wilde ze notabene de hele Metropolis zien ( de naam zegt al veel he!). ‘Je houdt geen rekening met mn leeftijd he?’ vroeg ik haar waarop ze antwoordde dat ik haar beperkte in haar koopvrijheid. Dus, mijn inwijding ten volle gehad. Oom John, die het leven als een grote zak snoep neemt (intussen 81 jaar) reed ons van hot naar her en hield er een geblesseerde knie aan over. Ik liet mijn chinese olie die ik gebruik om de spieren te warmen voor hem achter. Ilemele is een shopping MONSTER!
Terug naar huis is toch altijd het leukste. Mijn elf dagen zitten erop. Het geklap van de passagiers in het vliegtuig voor de prestaties van de Surinaamse judodelegatie bevestigen dat ik weer terug ben onder Surinamers. Ik zoek nog geen krant op. Morgen zal ik wel horen via de radio wie minister van Justitie wordt.

RUTH SAN A JONG

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *