Leg mij eens uit: hoe blijf je positief

Elke ochtend heb ik zo een ritueel dat ik Facebook opensla om te kijken wat de dag brengt en wat het laatste nieuws is. Ik moet eigenlijk in de Onvoltooid Verleden Tijd schrijven: elke ochtend had ik…

Ik ben sinds kort uit Facebook gestapt omdat het mijn creativiteit doodt en tijdrovend is. Het negatieve is te veel en misschien ben ik een pessimist, nu even niet meer te verteren. Facebook lijkt wel een spuugbak te zijn geworden van gefrustreerde mensen, egotrippers en racisten die elke gelegenheid aangrijpen om van alles uit te laten. Ik kreeg de neiging mee te gaan in de stroom, berichtjes plaatsen om ‘leuk’ gevonden te worden of te scoren. Het is een forum geworden waar mensen elkaar met woorden afmaken, beledigen en adoreren (soms ten onrechte) Je identiteit wordt gekleurd door de opmerkingen die je plaatst op je prikbord: hoe scherper hoe meer ‘likes’ en terwijl onderhuidse sentimenten borrelen van jaloezie, nijd, roddel en achterklap. En ja, natuurlijk zijn er ook aardige dingen op Facebook, maar dat negatieve neemt de overhand. Ik ben te sociaal betrokken om bijvoorbeeld niet te reageren of mij niet te ergeren op een opmerking als ‘Mooi Suripop liedje, maar ze is te zwart’. Het is een naar mijn mening platte bedoening geworden op Facebook. Dus, daar wil ik niet meer aan meedoen. Punt.Loco leysibakru

Mijn pessimisme heeft ongetwijfeld ook met de kranten- en radioberichten te maken. Dagelijks gaan er apps langs die je ontvangt van vrienden; “Ruth, lees de Paramaribo Post.’ Je wordt ziek van al die berichten die dagelijks over je heen worden gestort: In de Branding, de Ware Tijd, Facebook, apps, via email of telefonisch. En natuurlijk is het goed bedoeld. Ik doe het ook.
Wat gebeurt er in godsnaam in dit land? Er is geen stroom, geen water. Een president die voor alle verantwoordelijkheid vlucht, ministers die niets van zich laten horen en een parlement dat in reces is. Er worden elke dag mensen ontheven; de verkiezingscampagnes sluipen al langzaam in, de scheldpartijen ook. Ik ben omringd door dievenijzer en prikkeldraad en klik nerveus mijn autoslot dicht wanneer ik in de auto stap. Leg mij eens uit: hoe blijf je positief. Hoe blijf je in Godsnaam positief in dit land?

Toen ik hoorde over een Chicunguya virus in het Caribisch gebied en de eerste gevallen (27 of zo) die waren geconstateerd in Suriname, begon ik verwoed mezelf met Krapa-olie in te smeren, alle emmers en dingen waar muskieten eitjes in konden leggen te verwijderen en mijn buurman een bok geven dat het wel eens tijd werd om het hoge gras op zijn erf te maaien. Krapa olie is een bittere olie en dus niet aangenaam voor de muskieten. Ik gooide het op Facebook en men lachte me hartelijk uit; dat ding stinkt, je bent zomaar paniekerig en dat soort uitspraken. Na nauwelijks een maand zijn er 900 gevallen geconstateerd, het Academisch Ziekenhuis kan de toeloop niet aan, de artsen sturen je met een paar strips Paracetamol naar huis en de directeur van de Openbare Gezondheidszorg zit op zijn gat met een apathische blik te verkondigen dat er geen epidemie is. Waar zijn al die mensen die niet naar de dokter gaan? Sommige van het verplegend personeel van al die ziekenhuizen zijn zelf ziek, maar nee zegt men, de burger moet vooral zelf zorgen dat die geen Chicungunya krijgt. Vrienden van mij kunnen niet op hun enkels staan die ze moeten dragen, liggen in bed te kermen van de pijn. Het komt en gaat. Dan lees je op internet dat de ziekte ongeveer 1 jaar in je lijf kan zitten. Gelukkig is er een andere buur hier die dagelijks Malathion spuit; het is pure gif, en de geur gaat dagelijks langs in mijn woonkamer, maar ik vind het niet erg. Ik wil niet nog eens bottenpijn krijgen. Waarom mensen ook wachten op de Overheid is ook zoiets. Die nonchalance van Surinamers met zichzelf en hun gezondheid is zo irritant en onvoorstelbaar tegelijk. Wat als we Ebola hier krijgen? Zoiets kopte een krantenbericht. Dan gaan we allemaal dood, dat is zeker, want als we deze epidemie niet aankunnen, dan…‼ pfffttt.

‘Je eet toch nog?’ Ja, nog wel ja, gelukkig, maar ik breek mn kop wel hoe verder als alles bergafwaarts gaat.

Ik kan de negativiteit of het pessimisme niet ontvluchten. Er is nergens meer een onbewoond eiland waar ik naar toe zou kunnen gaan, met een gezonde kokosnootboom en wat vissen die ik zelf zou vangen. En eerlijk gezegd ben ik niet zo een zee-type.  Ik zal toch wel een beetje moeten weten wat er gebeurt op de bodem waar ik op leef. Ik heb daarom besloten om minder de krant te lezen, uit Facebook te stappen en mijn tweede boek maar eens af te gaan maken. Ik heb mezelf een jaar gegeven. Was al begonnen hoor maar nu werk ik geconcentreerd (ehem). Het is een heerlijk gevoel, gelukkig, enige lichtpunt in mijn leven: een heuse bevrijding van al die mentale afval. Ik probeer terug te gaan naar die bron van creativiteit en dat is rust van binnen. Krishnamurti de grote filosoof zei dat je juist geen moeite moet doen. Well, I’ll be a silent witness then.

 

En toen een reactie:

Ruth,
Die wanhoopsvraag blijft hangen : ”Hoe blijf je in Godsnaam positief in dit land?” Nu er ook nog bekend is geworden dat het Ebola virus een dode heeft geëist in het naburige Brazilië, lijkt de stemming die je beschrijft nog zwarter te worden. De beelden die ik zag van een zieke Ebola patiënte in Afrika, omringd door verplegers in pakken, met desinfecterende spuiten en de doodgravers in de Afrikaanse dorpen, de ontsnappingen van zieke mensen uit de quarantainegebieden… Ay!
Ja Ruth, je stemming is pessimistisch en er valt geen peptalk tegenop te houden. Hebben pessimisten het niet vaker aan het juiste eind dan optimisten? Het Chicunguya virus in het Caribisch gebied heeft in Suriname een dieptepunt bereikt. Een eerste dieptepunt, want er kunnen meer komen. Wat je zegt, honderden gevallen en een slapende overheid. Dus neem je liever genoegen met het dagelijks inademen van buurman’s gif. Een giftige zekerheid tegen de dreiging van de chicunguya bottenpijn.
Het is een redenering en je overleeft. Achter tralies. Zoals vele Surinamers doen. Uit angst en noodzaak.
‘Hoe blijf je in Godsnaam positief in dit land?”
Een snerpende vraag. Zonder antwoord. Waar is je schuilplaats, waar is je vrijplaats en waar ben je veilig? Een kopje pindasoep voor je zieke vrienden brengen kan soelaas bieden voor je zelfgevoel, maar bottom line blijft natuurlijk hoe de verantwoordelijken van de gezondheidsdiensten en de overheid omgaan met dit virus dat zo snel om zich heen grijpt. Preventieve maatregelen en voorlichting èn het vermijden van dat gif, dat misschien nog meer schade aanricht dan de muskiet. Dat Malathion spul is in Europa verboden omdat men de risico’s, niet alleen voor toedienders (je buurman) maar ook voor omstanders (jij) vreest. Het is een ongezellig verhaal, dat Malathion verhaal, met kans- zo lees ik- op kanker en miskramen. Die bok die je links aan buurman uitdeelt, geldt misschien ook voor buurman rechts. Dit alles Ruth, zal misschien alleen maar jouw pessimisme vergroten en de tocht naar een onbewoond eiland alsnog aantrekkelijk maken. Maar misschien zit je er al. Op dat eiland. Die vrijplaats. De plek waar schrijvers gaan om zich te verhouden tot de krankzinnigheid om zich heen.
Houdt maar moed.

 

Ida Does

8 thoughts on “Leg mij eens uit: hoe blijf je positief

  1. Leuk artikel. Om op het eerste gedeelte te reageren: information overload is wat facebook onder andere bezorgt. Inderdaad,ik vind het vaak negatief alhoewel het ook zijn goede zijde heeft.

          1. Ik heb je onderwerp nogmaals bekeken. En toch is de stap naar de vrede en rust in je hart. Zie mijn vorige reactie. Heeft te maken met liefde. Maar ook positief dat je bepaalde dingen hebt laten staan die je negatief beinvloeden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *