Bhata en dat soort gelukjes

‘Wat is er, je klinkt vrolijk’, zei een vriendin toen ze me vanmorgen belde om me te vragen hoe het met me gaat. Ik had om tien uur een bordje rijst met Bhata op! Bhata? Wat is dat alweer? Het was niet moeilijk om de geur te beschrijven toen mijn dienstvrouw me vanmorgen verraste met een kuipje Boulanger klaargemaakt op de authentieke Hindoestaanse manier. Ik deed het kuipje open en een aangename combinatie houtskool, knoflook en peper sloegen me toe. Mijn dienstvrouw heeft zo van die verrassingen. Ze weet dat ik mijn dieet heb aangepast en ze doet soms mee. Af en toe heb ik een vegetarische dag, waar ik twee soorten groenten klaarmaak, vaak heel pittig en met allerlei ingrediënten zoals trasi of die oesterachtige sausjes die ik haal bij de chinese supermarkt. Ik weet, ik praat weer over eten, maar toen ik een hapje nam met een vork was het eerste wat ik dacht: RIJST KOKEN! NU!

20130410_091953Ik ben gierig voor authentieke potjes, simpel, eenvoudig, nostalgisch eten; ze maken me vrolijk, laten mijn overleden grootouders weer leven en geven me energie. De geur van die Bhata bracht me naar de Normandiestraat, als 7 jarig meisje, waar ik in de keuken stond mee te kijken naar hoe mijn Hindoestaanse buurvrouw in haar aluminium wok de olie eerst goed verhitte om altijd gestampte uien, knoflook en peper te bakken. Ze vertelde allerlei anekdotes die ik vergeten ben omdat ik me als een havik concentreerde op haar handelingen. Ik durf te wedden dat ik van haar heb leren koken. Ik heb het geheim ook al ontdekt van dat lekkere koken: het ligt hem in de volgorde van bakken of de volgorde van ingrediënten doen in de pan. Altijd eerst je knoflook, peper en uien bakken, dan je vis of vlees. Bij bami is het niet anders. Wil je die echte Jampanesi bami bakken moet je eerst die Laos in hete olie doen. Niet daarna! Nooit daarna! Ik heb ook peper leren eten bij haar. Wanneer mijn ijskast leeg is, kun je altijd wel een potje chutney, gemalen peper, Javaanse sambal vinden. Het is gewoon verschrikkelijk; ik eet echt te veel peper. Antioxidanten…Het is de schuld van die jeugdherinnering. ;-))

Het huis van mijn grootmoeder had die typische keukengeur ook. Ik stapte vaak bij haar binnen (tegen etenstijd) en vroeg dan meteen wat ze kookte. Ik was niet de enige die watertanden kreeg wanneer ze bezig was uien en tomaten te bakken. ‘Die hand’ noemen ze dat ding. Je moet die anu, die hand hebben om lekker te koken. Ik ben die ‘anu’ na lang weer tegengekomen vanmorgen dus ga ik Lientje vragen om me vaker te verrassen. Uiteraard ga ik haar wat centjes meegeven. Stel je voor dat ik ook nog eens ging mee-eten met haar pot.

Iets later verontschuldigde ik me bij de fysiotherapeute: ‘Sorry dat mijn mond naar knoflook stinkt, maar vanmorgen…’

Gelukkig had ze er niets van gemerkt en vertelde ook nog dat het niet erg is om rijst in de ochtenduren te eten. Maar dan wel 1 keer per dag!

1 thought on “Bhata en dat soort gelukjes

  1. Heel mooi stuk Ruth….leuk geschreven. Klopt dat we eigenlijk onze volgorde van eten zouden moeten veranderen. Dus s’ochtends een zware maaltijd (koolhydraten), die je de rest van de dag toch verbrand en eindigen met een lichte maaltijd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *