‘Van koto naar couture’, geen lemkitiki show

Daar sta je dan: op de catwalk, alle schijnwerpers op je gericht, alle zintuiglijke impressies zijn geminimaliseerd, je begint je eerste stappen, de modeshow waar je op je 45ste in een impulsief moment ‘ ja’ tegen hebt gezegd. Ik ben helemaal geen modeshow- mens. Voor zover ik me kan herinneren, ben ik nog nooit naar zoiets geweest. Althans, ik kan me er niks van herinneren.
Celestine Raalte, woordkunstenares, had mij een paar maanden geleden gevraagd of ik mee wilde doen aan haar modeshow ‘Van Koto naar Couture’, over de creoolse klederdracht. Bij het woord koto gingen mijn wenkbrauwen omhoog, want ik heb altijd al een onuitgesproken weerstand gehad tegen het zelf dragen van een koto. Ik vind de motieven op de stofjes prachtig, maar kotofeesten aflopen is iets heel anders. Tijdens Keti Koti gaat niet eens een hoofddoek op mijn hoofd. Een wikkelrok van typische kotostof is het enige wat ik om mijn lijf wikkel. En dat heeft niets te maken met de verloochening van de creoolse klederdracht. Nee, het heeft meer te maken met de herkomst van die klederdracht: de witte slavenmeesteres had de koto ontworpen met het doel de mooie rondingen van de zwarte vrouw te verbergen, om uiteraard de witte man zijn ogen en handen daar vanaf te houden. Het is een bekend verhaal. De zwarte vrouw is daar creatief mee omgegaan, en het heeft een averechtse werking gehad. Zo vind ik de zwartepietentraditie ook maar niks, omdat de herkomst van die traditie onaangenaam is voor de nazaten. Maar goed, de witte slavenmeester werd nog nieuwsgieriger naar wat onder die drie lagen jurken en gebochelde jack zat. Dus, complimenten aan de slavinnen van toen. Daarnaast heb ik ook een soort weerstand, wanneer ik jonge meisjes zie, in pakjes, die onder het mom van cultuur allerlei odo uitspreken. Deze passen helemaal niet bij hun persoonlijkheid en zijn vaak  heel schunnig.
Alida Neslo heeft ooit een essay geschreven met de titel : ‘Het juk van de traditie’ In essentie gaat het om de vraag of tradities die we in de creoolse cultuur voortzetten wel goed zijn. Enfin, je schopt natuurlijk tegen al die visies en ideeën die dat juist willen behouden en je komt in een onvoorstelbaar dilemma terecht. Cultuur is zeker belangrijk en vormt een natie enzovoort en ik heb er uitermate veel respect voor. Maar…ik heb ook zo mijn eigen gedachten over een ongrijpbare cultuur die je eigenlijk niet kan definiëren.  En het is een te lange discussie om daar nu uitgebreid op in te gaan. Terug naar de kotoshow! Dus toen Celestine de aanleiding  tot deze show uitlegde, zei ik giechelig ja. Wanneer je de 40 bent gepasseerd, laat je je verrassen door jouw eigen impulsiviteit. Het leven is kort, niet? Het ergste wat zou kunnen gebeuren is dat ik van de catwalk af zou kunnen donderen.
‘Ik wil juist geen professionele modellen, ik wil die dunne dingen niet. Ik wil vrouwen die in het leven staan, ik wil karakter laten zien.’ Ja, had ik gedacht toen Celestine dat uitlegde. Ik ben geen model, maar ik draag ook leuke kleren en ik loop ook wel (in het leven). Al de andere vrouwen en mannen die hebben meegedaan waren ‘echte’ mensen en geen modellen. We mochten onszelf zijn en vooral de fraaie kledingstukken die ze speciaal  had ontworpen. Zo ben ik dus een paar keer geweest om te passen in Celestines  atelier, niet echt doordrongen van waar ik ja op had gezegd. Voor het  oefenen van de loop had ik geen tijd en ik ben ook niet geweest naar de repetities die ze had met de andere modellen.  Ik heb slechts twee (2) keer geoefend, 1 dag bij Celestine thuis en op de generale repetitie met een kop vol snot en een vreselijke hoest. ‘Wees jezelf’ was de enige instructie die ik in mijn hoofd hoorde, ik maakte wat zwaaierige bewegingen met mijn armen, keek een beetje flirterig uit mijn ogen en die bevroren glimlach. Ik kijk makkelijk ‘ernstig’. Ik zwierde bij het oefenen net iets te hard met mijn rok en viel bijna om. Nee, dat was geen goed idee. Gelukkig zaten we nog in de generale. Goede bh’s en ander ondergoed meenemen en om 3 uur p.m. aanwezig zijn, had er in de instructiemail gestaan.
Achter de coulissen, in de kleedkamer op de grote dag, was het een bonte mengeling van niet- traditionele schoonheden: ‘stevige voorgevels’ , jonge en oudere vrouwen, strakke zwarte huiden, vrouwen met brede heupen, dikke lippen en krachtige neuzen, platte en stevige billen, korte en lange vrouwen, haar in dreads, vrouwen met grote en kleine voeten, allen in de weer met de spiegels, met hun pakjes en make- up. Liesbeth Peroti, die ik bewonder  om haar prachtige zwarte huid, had een kussentje meegebracht en ging tussen de klerenrekken even een dutje doen. Ik was bezig wat yoga- rekoefeningen te doen [voor de rug weetjewel]. Ik zou pas aan het eind aan de beurt zijn bij de visagiste. De pakjes hingen keurig aan de rekken; van eenieder de naam op het label. Ik had mijn trolley ‘gevuld’ met: een handdoek, schoenen, mijn  makeup tasje, ondergoed en een toverdrankje [van honing, citroen en kruidnagel tegen het hoesten]. De paracetamols van 500 mg waren er ook.  Het was een stil gebabbel, volgens mij alleen van de zenuwen en volgens mij  ook een beetje door: hadden we wel goed genoeg geoefend? Een van de modellen kwam naar me toe: of ik haar voeten met crème wilde insmeren. Uh, ik had de avond daarvoor nog zitten gniffelen met de anderen om een klomp waar de hielen een beetje uitstaken. Dat ik nu uitgerekend die voeten moest insmeren, omdat ze haar koto niet wilde kreuken is ‘instant karma’. Celestine riep ons bij elkaar in een kring; we hielden elkaar vast. Op datzelfde moment was ik heel erg bewust van mijn buik en hartenklop. De zenuwen hadden zich aangemeld. ‘Nee hoor, ik ben niet zenuwachtig, maar ik moet wel veel naar de wc,’ zei Anna. Owkee…modeshow
Voor de spiegels begon ik heen en weer te zwaaien. Zo moet je je voet plaatsen Ruth, om die draai naar links te maken, rechterhand uitstrekken, het uiteinde van je rok pakken en dan omhoog in een zwaaierige beweging. Lach, kijk in het publiek, heb een beetje interactie. Een oor moest open blijven. Ergens in het midden van de catwalk stoppen, zodat het publiek dat daar zit het ontwerp ziet. Niet te snel lopen.  Twee minuten vullen! Lach, laat je charmes zien. Oja, even teruglopen want je moet die sjaal afgeven aan Kwame. Hij was de ‘hofmeester’ die de sjaal van me  dan zou meenemen, zodat ik de rest van mijn pakje kon showen. Maar …hij mocht de aandacht niet te lang op zich hebben.
Kwame is een opvallende, maar met bescheiden uitstraling, lange zwarte man met dreadlocks. “Kwame, hoeveel kilometer is je haar?”, had ik nog gevraagd.  Ik was de laatste, vóór de pauze, die op moest. Ik blies even flink uit en liep het verblindende licht van de schijnwerpers tegemoet. Toen was alles echt stil… hahaha. Ik was aan het berekenen. Je moet je voorstellen: ik had lenzen in en aangezien ik multifocaal ben en alleen scherp zie op verre afstand en dichtbij met een leesbrilletje, hield het goed berekenen in: niet over de catwalk heen te stappen. Ik moest die fout niet maken, want dat zou een harde en gevaarlijke val worden. Zeker met de hoge hakken. Dus, liep ik zoals ik dat ‘ in mijn hoofd’ herhaaldelijk had ingestudeerd op de catwalk. Stuk voor stuk ontdeed ik me van al die bugubugu [cape, wikkelstrookje en sjaal]. De vrouwen uit het publiek gaven een hysterische gil toen Kwame de sjaal op het podium  bij me kwam halen. Dat hoorde ik gelukkig nog wel. Ik wilde niet gaan schaterlachen.  Om daarna in topje en rok verder te lopen. Ay boy, toen ik weer achter het scherm was, kreeg ik een hoestbui van jewelste.
Mooie ervaring. Ik voelde me doodziek, maar wel gelukkig. De visagiste Patricia Helslijnen had mij  gelukkig zwaar opgemaakt, zodat je mijn waterige ogen niet zag. De show was er een van klasse, ondanks het feit dat we allen amateurs waren. Zo zie je maar dat goed samenwerken op korte termijn,wel een goed resultaat kan opleveren.
‘Onze voorouders zijn naakt hiernaartoe  gekomen. Toén gaf de witte slavenmeesteres ons kleding, maar nú kleden we onszelf!’ ik heb echt alleen om die reden meegedaan: ‘Van Koto naar Couture’.Het was zeker geen ‘lemkitiki’ modeshow maar een van klasse, creativieit en zwarte schoonheid. Ik heb respect voor tradities, maar volg ze nooit zomaar.Celestine Raalte, dankjewel voor deze mooie ervaring. Ik zal er lang op teren!

‘Lemkitiki is lemmetjestok’ ( stukje steel, van een takje van de lemmetjeboom)
wat traditioneel in de mond hoort bij de koto.

Posted from WordPress for Android

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *