Enzovoort…

Mijn eerste verhaal ‘De onderbroek’ is gepubliceerd bij Uitgeverij In de Knipscheer in de verhalenbundel Waarover we niet moeten praten.  Ook in ‘Voor mij ben je hier’, samengesteld door Michiel van Kempen is er een verhaal gepubliceerd met de titel ‘Schuldbelijdenis, bladzijde 63!‘Dit verhaal is later in het Engels vertaald en gepubliceerd in het Australisch blad, Southpaw Journal. Het Citybooks Jakarta “Wat doe ik hier” is beschikbaar in 4 talen: Nederlands, Engels, Frans en Bahasa en als epub te downloaden en als luisterboek te horen. De publicatie wordt in december verwacht.

Meedoen aan Kwakoeliteratuurprijs in 2002 en de derde prijs winnen was een startpunt voor mij in kritisch zijn op eigen werk en niet zomaar teksten sturen naar jan en alleman. Ik had  vooral kritiek nodig. Keiharde, constructieve kritiek over een zin die niet liep of de logica van een verhaal, of dat het thema niet goed was uitgewerkt in mijn tekst en dergelijke. Het moet wel gefundeerde kritiek zijn, want dat andere accepteer ik gewoon niet. Ik was echt als de dood toen Astrid H. Roemer mij mailde en vroeg om een tekst. Zij heeft mij in feite ‘ontdekt’. Je moet wel opvallen en ontdekt worden. Anders blijft het bij mensen lastig vallen met je verhalen en een beetje aan zelfverering doen. Ik ben daar heel vervelend in. Geen wonder dat het ook zo lang duurde voor ik debuteerde. Het opzetten van een school kwam er tussen, eigen persoonlijke kwesties met ziekte en dood. Gelukkig bleef het vlammetje branden en heb ik goed geluisterd naar mijn innerlijke stem. Van schrijven kun je niet leven; het hangt er wel af aan welke vorm van schrijven je doet. Je leert, je groeit, je leert je eigen stijl kennen, je groeit in die stijl, je kent je zwakheden, je daagt jezelf uit tot meer. Ik waag me nu aan een roman. Schrijven lijkt echt makkelijker dan het is. Een verhalenbundel lijkt ook gemakkelijk te schrijven, maar dat is het geenszins. Elke zin moet beredeneerd zijn. En toch schrik je je een aap wanneer je tekst terugkomt van de redacteur met alleen maar rode krassen in je tekst. Het was een leuke ervaring waar ik ontzettend van heb geleerd. Ik ben wat dat betreft zorgvuldiger geworden in taal. Zal nog wel wat fouten maken, maar als schrijver blijf je groeien.Diezelfde Astrid Roemer gaf aan dat schrijven voor haar topsport beoefenen is. En werkelijk, wil je die gouden medaille halen moet je alles geven. Nu zijn we niet met een competitie bezig met elkaar, maar het is meer een mentale competitie met jezelf. Ik voel me wel bevoorrecht dat ik het vermogen heb om tekst op papier te zetten die mensen lezen en waar men ook nog positief op reageert. Want, schrijven kun je leren, maar als je de touch en passie niet heb, dan kun je allerlei trainingen volgen en er toch niet komen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *